Ik ben actief voor een vakbond. Ik hou even in het midden voor welke. Ik spreek geregeld mensen die in moeilijke situaties zitten qua werk en ik kan die situaties lang niet altijd voor ze oplossen. En als ik er zo over nadenk: ik kan ze meestal niet voor ze oplossen. Maar ik kan de situaties vaak wel goed uitleggen. En verbeteren.
Ik voer vaak best moeilijke gesprekken, waarin ik mensen uitleg hoe de vork in de steel zit. En dat zijn soms echte slecht nieuws gesprekken. En ik voel dan dat het niet makkelijk gaat zijn voor de ander om het eerlijke verhaal van mij te horen. Maar ik geloof dat het goed is als mensen het eerlijke verhaal wel horen. En ik merk dat mensen daar vervolgens ook echt iets aan hebben. Het helpt hen vooruit. Ik zeg datgene dat ze in hun achterhoofd al wel weten, maar niet tegenover zichzelf of anderen durven toe te geven. En soms moet ik ze iets vertellen waar ze echt niet aan toe zijn. Bijvoorbeeld dat ze gewoon écht niet passen in deze organisatie. Maar dat is dan iets dat van mij komt. Het komt van iemand die oprecht wil helpen en die aan hun kant staat.
En soms is het meer dan medeleven dat ik voel. Of ik voel daar veel van, zeg maar. Dan tref je de allerbeste medewerker die je maar kan wensen. Iemand die werkelijk overal in de organisatie tot bloei kan komen, maar die door fouten van anderen tóch in de problemen is gekomen. Life isn’t fair. En dat probeer ik dan uit te leggen: jij hebt de wereld voor je liggen, maar waarschijnlijk niet in deze organisatie. En dat is heel jammer voor de organisatie. Echt heel jammer. Maar dat zie ik, maar dat zien de mensen die jou zouden moeten aannemen niet.
Ik zie wel dat dit uiteindelijk goed is voor zo iemand. Zij (het is een zij) moet gewoon ergens gaan werken waar ze wel gewaardeerd wordt voor haar kunnen. En dat is ergens anders. We gaan proberen te zorgen dat ze er zo goed mogelijk uitspringt.
We helpen mensen heel vaak naar een situatie toe waarin ze geen lid meer zijn van de vakbond. Best bijzonder.